Recencie ontvoerd

Erkels 607 dagen tussen hoop en vrees
Gepubliceerd op dinsdag 07 juni 2005
Joost Lammers © 2005 Planet Internet

Tussen hoop en vrees, tussen leven en dood. Het zijn de kernbegrippen in het boek van Arjan Erkel, waarin hij het relaas van zijn ontvoering uit de doeken doet.

De medewerker van Artsen zonder Grenzen (AzG) was bijna twee jaar in handen van Tsjetsjeense rebellen. Vorig jaar april kwam hij op vrije voeten. In zijn dinsdag gepresenteerde boek Ontvoerd. 607 dagen tussen leven en dood doet hij zijn belevenissen en avonturen uit de doeken.

Het laatste begrip lijkt niet zo gepast, maar onder het lezen vergeet je wel eens dat het geen fictie is. De 320 paginas tellende publicatie leest als een ware psychologische thriller.

Het is knap hoe Erkel vrij nauwkeurig de ruim 600 dagen heeft gereconstrueerd zonder te vervallen in opsommingen en herhalingen. Dat is des te opmerkelijker omdat de Rotterdammer tijdens zijn ontvoering geen dagboek heeft bijgehouden of aantekeningen heeft kunnen maken. Het roept de vraag op in hoeverre de herinneringen van de auteur betrouwbaar zijn, maar dit stoort allerminst.

Afwachten of vluchten
Erkel geeft een kijkje in de wereld van de ontvoerde en de ontvoerders.Voortdurend is de vraag of hij lijdzaam zal afwachten of dat hij het risico zal nemen om te ontsnappen. Iets waar hij enkele keren vanwege de afnemende waakzaamheid van zijn bewakers kansen voor heeft als ze bijvoorbeeld hun wapens in zijn buurt laten rondslingeren.
Het is een onderdeel van de complexe relatie met zijn ontvoerders en zijn voortdurende persoonlijke worsteling om de moed er in te houden. Een innerlijk proces dat Erkel intrigerend en invoelbaar weet neer te zetten, waarbij aan het eind de rek er uit is en roekeloosheid zich van hem meester maakt.

Eenzaamheid en verveling
De Head of Mission van de AzG-missie in Dagestan ontwikkelt tal van overlevingsstrategieën, waarbij hij met tal van methodes zijn primitieve verblijf aangenamer weet te maken. Zoals de keer dat hij een verwarming als antenne gebruikt om tegen de wens van zijn ontvoerders toch naar enkele Russische televisiezenders weet te kijken.

Hij doodt de eenzaamheid en verveling met het lezen van telkens dezelfde boeken, het kijken van dezelfde films en het spelen van backgammon tegen zichzelf. Om de situatie minder uitzichtloos te laten lijken stelt hij zich telkens tegen beter weten in een datum tot doel waarop hij vrij zal zijn. Hierdoor is de periode van gevangenschap voor hem te overzien.

Vriendschap
Ook zijn goede verstandhouding met de ontvoerders zorgt voor de nodige afleiding. In het begin is hij terughoudend, maar al vrij snel krijgt hij met enkele bewaarders een goede relatie. Vriendschap wil Erkel het niet noemen, maar het grote wederzijdse respect wat ze voor elkaar hebben schuurt daar wel tegenaan.
Het heeft er veel van weg dat Erkel en zijn Tsjetsjeense ontvoerders gaan lijden aan het Stockholm-syndroom, waarbij de grens tussen ontvoerders en ontvoerde vervaagt. De AzGer spreekt echter tegen dat hij hier last van zou hebben gehad.

Fundamentalisten
De vele gesprekken die hij voert, geven je als lezer ook enig inzicht in het gedachtegoed van zijn fundamentalistische ontvoerders. Het is niet dat ze hem echt proberen te overtuigen van hun islamitische denkbeelden, maar de gesprekken zijn meer een uitwisseling van hun botsende ideeënwerelden. Opmerkelijk genoeg naderen de mannen elkaar het dichtst als het over seks gaat.
Maar net als Erkel krijg je als lezer nooit echt hoogte van de voortdurend gemaskerde rebellen, wat mede het gevolg is van het altijd aanwezige wederzijdse wantrouwen. Zo twijfelt de auteur er aan of zijn bewakers wel echt Tsjetsjeense rebellen zijn. Zonder op die kwestie een sluitend antwoord te geven, wordt wel duidelijk dat de twijfel gerechtvaardigd is omdat beide partijen elkaar voortdurend voor de gek houden.

Heikele kwesties
Uiteindelijk voel je je als lezer ook enigszins voor de gek gehouden. Want het boek laat je echter met de vraag hoe de vrijlating nou eigenlijk precies tot stand is gekomen? Daarmee laat Erkel een groot aantal van de raadselen die rondom de ontvoering zijn gerezen en die de auteur ook in zijn boek oproept intact. Zo blijft de rol van AzG bij de onderhandelingen in nevelen gehuld. Je krijgt het gevoel dat zijn werkgever zijn leven op het spel heeft gezet, maar nergens spreekt hij zich echt uit.

Oordelen heeft hij kennelijk in zijn boek niet willen vellen en heikele kwesties niet willen aanroeren. Dit laat echter onverlet dat het inzicht dat Erkel geeft in het leven van een ontvoerde, en specifiek in zijn geval, je grijpt en boeit.